De Openbaring van Arsène Goedertier

De Openbaring van Arsène Goedertier

zaterdag 29 november 2014

'Ik alleen weet waar het Lam Gods is' (2)


Vandaag is het exact 80 jaar geleden dat Arsène Goedertier als een koning werd begraven.

Op zijn sterfbed, vier dagen voor de begrafenis, fluisterde hij in het oor van advocaat De Vos:

'Ik alleen weet waar het Lam Gods is'.

Goedertier gebruikt wel degelijk de term 'het Lam Gods', alhoewel hij als kenner duidelijk het onderscheid kent tussen 'De Rechtvaardige Rechters' en 'Het Lam Gods'. Waarom drukt hij zich als zodanig uit?

Dit komt omdat er naast De Rechtvaardige Rechters nog iets anders vermist is.

Iets waar hij in zijn achtste afpersingsbrief 400.000 frank voor vraagt.


Voor De Rechtvaardige Rechters eist Dua 500.000 frank.

Als dit paneel de bisschop in goede staat bereikt, moet hij enkel op woord beloven dat hij exact na één jaar nog eens 400.000 frank stort aan een persoon die ten gepaste tijd zal aangeduid worden.

De speurders trekken hier voorbarige conclusies uit. Dua zou in geldnood verkeren en de vermindering van het losgeld dient beschouwd te worden als een overwinning. Ze gaan ervan uit dat de afperser zelfs niet meer op de 400.000 frank rekent. Mortier en Kerckhaert:

‘De onbekende had al overvloedig aangetoond dat hij helemaal niet naïef was en ook hij zal alle hoop op de resterende 400.000 fr. hebben opgegeven.' 

Dit is wel een zeer dubieuze conclusie. Iemand die niet naïef is, zal nooit een dergelijk voorstel doen als hij zijn eis niet hard kan maken. De vraag is dus hoe hij nog eens 400.000 frank kan afdwingen, als het bisdom al terug in het bezit is van De Rechtvaardige Rechters

Voor Arsène Goedertier is de zaak nog niet afgehandeld na de ontvangst van de 500.000 frank en de overdracht van De Rechtvaardige Rechters. Dit is een zeer belangrijk gegeven waar men vroeger onvoldoende aandacht aan heeft geschonken.

Vandaag, tijdens de lezing te Brasschaat, zal alles nog eens extra gekaderd worden, zodat de uiteindelijke bedoeling van de missie van Arsène Goedertier duidelijk wordt.

zaterdag 22 november 2014

De schrijfmachine Royal


Op het ogenblik dat de politie in Laken nog naarstig op zoek is naar de vermiste lichaamsdelen, wordt de doodskist van koning Albert I in het weekend van 28 april 1934 bijgezet in zijn beveiligende tombe.

Op 28 april, de feestdag van Grignion de Montfort, huurt Arsène een schrijfmachine Royal
Let op de benaming 'Royal'.


Voor de huur van het apparaat wendt hij 1.500 frank van het bedrag aan, dat hij vier dagen eerder had opgenomen van zijn kredietlijn. Aan de winkelbediende toont hij een identiteitskaart op naam van Vandamme. Zijn eigen pasfoto prijkt op de valse identiteitskaart. De agent die op 7 februari 1906 bij het verdachte pakket in de Zwaluwenstraat werd geroepen noemde ook Vandamme. Volgens Louis Frank was deze agent de enigste competente ambtenaar van heel het Brussels gerechtelijk apparaat.

Twee dagen later, op 30 april 1934, wordt de eerst afpersingsbrief verstuurd vanuit het Antwerpse Sint-Anna

zondag 16 november 2014

'Een zonderlinge ontdekking te Laeken'


Op 9 september 1933 huurt Arsène een bankkluis bij Crédit Anversois te Gent. Na zijn dood in november 1934, vond men op zijn aanwijzen bezwarende documenten in zijn bureel, die zijn betrokkenheid in de afpersing bevestigden. De kluis bij Crédit Anversois is dan leeg.

Een maand later, op wapenstilstandsdag 1933, stelt men ’s nachts vast dat een toegangsdeur van de Sint-Baafskathedraal open staat.

Nog een maand later , op tweede Kerstdag , opent Arsène bij de Nationale Bank van België een kredietlijn van 10.000 frank. Vanaf dan kan hij ongehinderd grote bedragen opnemen zonder dat zijn echtgenote hiervan op de hoogte is.

Weer een maand later, in januari 1934 laat hij van zichzelf een foto nemen in de Troonstraat 83 te Brussel. Deze foto wordt na zijn overlijden opgenomen in zijn bidprentje.

Diezelfde maand wordt hij door de kerkbediende Alfons Hebberecht voor de eerste maal opgemerkt in de Vijdkapel. De maanden erna wordt hij er veelvuldig gespot.

In de nacht van 17 op 18 februari 1934 wordt koning Albert I in de Dievenravijn, onderaan de Rocher du Grand Bon Dieu, dood aangetroffen.

Bijna twee maanden later, in de nacht van 10 op 11 april 1934 verdwijnen De Rechtvaardige Rechters uit de Vijdkapel.

Kort voor 22 april 1934 vinden spelende kinderen in de Sint-Annadreef te Laken stukken van een lijk, ingewikkeld in een laken. Laken staat een ganse week in rep en roer. Deze dreef verbindt de koninklijke crypte met de Sint-Annafontein in het park van Laken. De opgetrommelde politie kan er enkel nog een bebloed laken aantreffen. 


De speculaties die daarna in de pers worden opgevoerd gaan van ‘honden die de resten zouden hebben weggesleept’ tot ‘de hallucinatie van een kind’.

Kort na deze ontdekking wordt de kist van Albert I, die tot dan toe onbeschermd in de koninklijke crypte stond, in zijn afgesloten tombe bijgezet.

Na de diefstal van De Rechtvaardige Rechters geeft Arsène Goedertier verschillende familieleden een goede raad mee:

‘Je moet bewijzen dat iets, wat algemeen aangenomen is, 
op geen vaste grond steunt. Dan pas word je iemand’.


zaterdag 8 november 2014

De Calvarieberg volgens Grignion de Montfort


Eerder hebben we gezien dat het Gouden Boek van Grignion de Montfort de drijfveer vormde voor alle Mariaverschijningen die zich in de loop van de 19de, begin 20ste eeuw voordeden.

Voor iemand die de betekenis van de Mariaverschjiningen tracht te doorgronden, vormt het werk van Grignion de Montfort een onmisbaar naslagwerk.

De drie openbaringen van Goedertier en de Mariaverschijningen te Borgerhout, Brussel en Beauraing, leiden Arsène begin 1933 naar de Calvarie van de Grote Goede God van Genade te Marche-les-Dames.

Juist teruggekomen van Beauraing, waar duizenden mensen elkaar staan te vertrappelen om een glimp op te vangen van de vijf kinderen die Maria meer dan dertig keer zagen verschijnen, staat Arsène aan de Calvarie, voor het kapelletje van Onze-Lieve-Vrouw van Zeven Smarten en een groot kruis met de gekruisigde Jezus Christus.



De woorden van Grignion de Montfort flitsen door het hoofd van Arsène Goedertier
De geestelijke schrijft in zijn werk over de Calvarieberg:

'Stel u dan de Calvarieberg voor. Wat ziet gij daar?'

1.     'Jezus slachtoffert zich voor u.'

2.     'Maar wie is die heldhaftige Vrouw, welke staat aan de voet van het Kruis?'

'Het is Maria. Tracht door te dringen in haar eindeloze smart:

Zij draagt een offer op, een slachtoffer.'

3.     'Haar goddelijke zoon, de God-Mens.'

'Maria offert het zuiverste, het heiligste en tegelijk voor een moeder het smartelijkste offer.'

In het Gouden boek volgt er een opdracht:

--> 'Op dit altaar biedt gij tegelijk het goddelijk slachtoffer 
als offerande aan.' 

zondag 2 november 2014

De Calvarie van de Grote Goede God van Genade


Door Goedertiers eerder opgedane openbaringen moeten, tijdens de Mariaverschijningen te Beauraing, de rotsen van Marche-les-Dames zijn speciale aandacht hebben getrokken.

Julienne Minne verklaart na de dood van haar man dat ze in 1933 samen met de auto naar Beauraing reden. 
Als ze dan onderweg het oefenterrein van koning Albert passeerden, troffen ze onderaan de rotsen onvermijdelijk het baankapelletje van

Onze-Lieve-Vrouw van Zeven Smarten


Het was Bethe Petit die vlak voor de Grote Oorlog, na de Mariaverschijningen te Brussel, de boodschap de wereld instuurde dat Onze-Lieve-Vrouw voortaan met deze naam  aanroepen moest worden.
Bij het uitbreken van deze oorlog werd de processie van Onze Lieve Vrouw van Zeven Smarten te Lede (Goedertiers geboortedorp) afgebroken.

Naast het kapelletje van Onze-Lieve-Vrouw van Zeven Smarten staat een

groot kruis met de gekruisigde Jezus Christus.

Deze site noemt de

Calvarie van de Grote Goede God van Genade. 

De calvarieberg die er bovenuit troont noemt de 

Rocher du Grand Bon Dieu

Het is van deze rots dat koning Albert I op die fatale februaridag 1934 aftuimelt. De ravijn waar hij met een gapende hoofdwonde wordt teruggevonden noemt de

Dievenravijn.